Industrie blijft zich volledig inzetten om klimaatdoelen te halen

Den Haag, 13 maart 2019 – De industrie is gecommitteerd om zich maximaal in te zetten voor het behalen van de klimaatdoelstellingen. Uit de doorrekeningen van het ontwerp-Klimaatakkoord door Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) en Centraal Planbureau (CPB) blijkt dat de plannen kunnen worden gehaald, maar dat er nog veel werk aan de winkel is. Uit een vandaag gepubliceerd onderzoek van PwC blijkt dat een CO2-heffing een averechts effect heeft.

Met de maatregelen in het ontwerp-Klimaatakkoord komen de klimaatdoelen van het kabinet binnen handbereik, aldus de planbureaus. Voor het behalen van de doelen door de industrie zien zij een aantal randvoorwaarden. Zo is de industrie afhankelijk van maatregelen vanuit de overheid, zoals de aanleg van benodigde infrastructuur en financiering van de onrendabele top. De bedrijven leveren daar zelf een forse bijdrage aan, zo is afgesproken aan de Industrietafel.

De industriebedrijven zien een bonus-malusregeling zoals die in het ontwerp-Klimaatakkoord is genoemd als de beste methode om de benodigde CO2-reductie te realiseren. De planbureaus zien wel onzekerheden over de vormgeving van de regeling en de bereidheid van bedrijven om mee te werken. “De wil vanuit industriebedrijven om dit positief op te pakken, is groot. Wij zetten ons al decennia in om onze uitstoot van CO2 te verlagen, en met succes. Wij investeren hiervoor fors en zullen dat ook in de toekomst blijven doen”, stellen de bedrijven in een persbericht.

De industrie is tegen een generieke CO2-heffing en maakt zich zorgen over de aangekondigde lastenverhoging. “Uit een vandaag gepubliceerd onderzoek van PwC, in opdracht van minister Wiebes, blijkt dat dit leidt tot weglekeffecten van economische activiteit uit Nederland. Investeringen verplaatsen zich naar het buitenland en leveren per saldo geen klimaatwinst op.”

De bedrijven willen graag met het kabinet en andere betrokkenen aan tafel om de uitwerking van de plannen te bespreken en concretiseren. “Hierbij verwachten we consistentie in beleid en politiek. Dit houdt in: aandacht voor de concurrentiepositie van de Nederlandse industrie, behoud van werkgelegenheid en voldoende prikkels voor innovatie in duurzame technieken”, aldus het persbericht.

Share